Oudere Witte Man Staat in de Hoek

Posted on September 22, 2022

De oudere witte hoogopgeleide man (OWHM) heeft het moeilijk. Hij staat in de hoek en overdenkt zijn privileges. De Wees Lief Brigade (WLB) heeft hem even apart gezet, want hij bedreigt met zijn geschrijf een gekoesterd utopisch wereldbeeld, dat van de wakkere postmodernisten die het opnemen voor arme transgenders. De OWHM zijn de afgelopen dagen op FaceBook de oren gewassen. De OWHM kreeg te horen dat zijn geschrijf wereldvreemd, harteloos, toondoof, bot, archaisch, uit de hoogte, belerend, onderdrukkend, bevooroordeeld, betweterig, hypocriet, paternalistisch en kil rationeel is. Dat hij een arrogante cashewnoot is. De WLB heeft hem ook laten weten dat hij velen verdriet heeft gedaan. En natuurlijk werd hem te verstaan gegeven dat hij transfoob is. Want transfoben, daarvan heb je er kennelijk nogal wat tussen de witte hoogopgeleide mannen. Jan Kuitenbrouwer en Peter Vasterman staan ook in de hoek. Net als de OWHM zijn zij zich niet bewust van hun witte mannenprivilege en bemoeien zij zich met onderwerpen die hen absoluut niet aangaan. Net als de OWHM kunnen zij beter even hun mond houden.

De OWHM probeert zo goed en zo kwaad als hij kan onderscheid te maken tussen objectieve en subjectieve werkelijkheid. Hij meent dat het in het algemeen een slecht idee is om objectieve feiten te vervangen door subjectieve beleving. Hij vindt, net als ieder weldenkend mens, dat de rechten van transgenders moeten worden gewaarborgd. Hij ziet echter ook dat die rechten in conflict kunnen komen met de sekse-gebaseerde rechten van vrouwen. Daarom meent hij dat er maatregelen nodig zijn om te voorkomen dat mannen die zich als transvrouw voordoen toegang krijgen tot veilige ruimten voor vrouwen (kleedkamers, blijf-van-mijn-lijf huizen, vrouwengevangenissen). Verder is hij van mening dat pubers die zich in hun lichaam niet thuis voelen niet mag worden aangepraat dat ze transgender zijn. De meeste pubers groeien immers over hun genderdysforie (onvrede met hun biologisch geslacht) heen, en vaak blijkt dan later dat ze aangetrokken worden tot het eigen biologische geslacht. De OWHM staat hierin aan de kant van de bekende schrijfster JK Rowling. Helaas heeft hij gemerkt dat alleen al haar naam noemen zorgt voor schuimbekkende reacties van de WLB. De OWHM heeft ook ervaren dat de WLB vooral lief wil zijn voor mensen binnen de eigen gelederen. Lief zijn voor andersdenkenden zit niet zo in hun pakket.

De OWHM heeft opvattingen over geslacht en gender die zo’n tien jaar geleden nog gemeengoed waren, maar die intussen nogal uit de mode zijn geraakt. De OWHM meent bij voorbeeld dat niemand in een verkeerd lichaam wordt geboren, omdat het lichaam waarmee je ter wereld komt nu eenmaal de biologische realiteit is. Hij gelooft dat “Ik heb een piemel, maar ik ben een vrouw” subjectieve beleving verwart met objectieve werkelijkheid. Hij beseft ook dat er nogal wat mensen zijn, in september 2022, die vinden dat een transvrouw die zo’n bewering doet correct de werkelijkheid beschrijft, maar hij meent dat dat vooral iets zegt over de merkwaardige tijden waarin we leven.

De OWHM heeft altijd links gestemd. Hij is voorstander van emancipatie van achtergestelde groepen en minderheden, hij is tegen discriminatie, hij is voor een ruimhartig asielbeleid, hij is voor beter loon voor de laagstbetaalden en hij zou het liefst zien dat excessieve beloningen aan de top geheel worden wegbelast. Ook is hij falikant tegen intensieve veehouderij. De OWHM hamert geregeld op het belang van educatie. Hij meent dat het functioneren van een democratie staat of valt met het goed onderlegd zijn van haar burgers. De OWHM was verheugd en trots toen Nederland als eerste het homohuwelijk erkende, maar de OWHM ziet de huidige transbeweging niet als een emancipatiebeweging. De door transactivisten uitgedragen genderideologie is volgens hem niet progressief maar regressief, want de strijd van de genderactivisten is volgens de OWHM geen emancipatiestrijd in de gebruikelijke zin. Vrouwen vochten destijds voor stemrecht, en later voor het recht op academische scholing, en voor het recht om zelfstandig economisch te kunnen functioneren. Zij hebben die rechten na een zware strijd ook gekregen. Homo’s en lesbiennes vochten voor het homohuwelijk, en tegen discriminatie. Zij wilden dezelfde rechten als hetero’s, en ze hebben die rechten ook gekregen. Gekleurde mensen vechten nog steeds tegen achterstelling. Zij willen dezelfde rechten als witte mensen, en terecht, want die hebben ze nog niet, dat zie je aan het feit dat allerlei slecht betaald maar noodzakelijk werk nog steeds grotendeels worden opgeknapt door mensen van kleur.

Maar de genderstrijd gaat volgens de OWHM over iets anders. Transvrouwen eisen, ook zonder lichamelijke transitie, alle rechten van vrouwen. Zij willen door iedereen in elke context als vrouw worden behandeld. Zij eisen dat hun penis wordt beschouwd als een vrouwelijk attribuut. Zij vragen daarmee veel meer dan een recht dat anderen hebben en dat aan hen wordt onthouden. Zij eisen dat hun subjectieve beleving van de werkelijkheid over hun geslacht door anderen wordt geaccepteerd, ook als die subjectieve beleving in strijd is met de objectieve werkelijkheid, namelijk de verifieerbare feiten over hun biologisch geslacht. De transgenders die dit eisen vragen in feite van ons dat we collectief doen alsof we gek zijn. Volgens de OWHM is dit werkelijkheidsontkennend postmodernisme ten top.

De OWHM is niet bereid ‘Transvrouwen zijn vrouwen" als letterlijke waarheid te accepteren. Als een transvrouw zegt dat ze geen penis heeft maar een ladydick, dan mag je daar van de WLB geen vraagteken bij plaatsen, want als je dat doet bruskeer je een ’uiterst kwetsbare groep die al zo lang is gemarginaliseerd.’ De WLB vindt dat je een transvrouw niet mag tegenspreken als ze beweert dat haar penis een vrouwelijk attribuut is. Dat is namelijk harteloos en nodeloos confronterend. De OWHM meent daarentegen dat de werkelijkheid niet automatisch meeverandert als we de taal veranderen. Ook als een transgender haar penis een ladydick noemt zien anderen immers nog gewoon een pik.

De OWHM meent dat het wakkere postmodernisme een groot gevaar is voor progressieve politieke bewegingen. Wereldvreemdheid op links speelt altijd rechts in de kaart. Bij voorbeeld in de VS, waar een ultra-rechtse Republikein een linkse opperrechter-in-spe politiek in het nauw kon brengen met de simpele vraag ‘Wat is uw definitie van een vrouw?’. Of in Groot Brittannië, waar de rechtse en rechtlijnige Liz Truss ontkennend antwoordde op de vraag of transvrouwen vrouwen zijn. De OWHM vermoedt dat dat haar behoorlijk wat populariteit heeft opgeleverd, en misschien zelfs het premierschap, omdat de meeste Britten, net als vermoedelijk de meeste Nederlanders, die vraag ook ontkennend zouden beantwoorden, al zouden ze waarschijnlijk wel link uitkijken om dat antwoord aan de grote klok te hangen. Hier in Nederland kon Thierry Baudet politiek scoren met de leuze ‘Hoeveel genders heb jij vandaag?’, terwijl Geert Wilders herrie schopt met ‘Ik ben morgen een vrouw en overmorgen een kameel.’ De gendergekte op links geeft (ultra)rechts gelegenheid om te schieten op open doel. Genderideologie is dus volgens de OWHM bepaald niet politiek onschuldig.

De OWHM snapt dat aan biologische realiteiten wel een beetje kan worden gesleuteld, en hij vindt het prima als volwassenen daarvoor kiezen. Daar zijn genderklinieken voor, met ingenieuze maar ingrijpende behandelingen om het uiterlijk meer in overeenstemming te brengen met de innerlijke ervaren genderidentiteit. Chirurgische gendertransitie is een zware ingreep, en het gebruik van synthetische geslachtshormonen kan op de lange termijn ernstige bijwerkingen geven. Volgens de OWHM maakt het van een man geen vrouw en van een vrouw geen man, omdat het biologische geslacht bij de geboorte is bepaald en onveranderlijk is. De OWHM heeft de indruk dat de WLB dit allemaal niet wenst te zien. Daarmee doet de WLB volgens de OWHM aan werkelijkheidsontkenning. De OWHM meent dat gendertransitie een oplossing kan zijn voor volwassenen met een diepe wens om te leven als het andere geslacht, maar hij is juist falikant tegen medisch ingrijpen bij pubers met genderdysforie. De OWHM heeft het artikel van Michael Biggs gelezen waarin wordt uitgelegd hoe weinig wetenschappelijke onderbouwing er is voor medische interventie bij pubers met genderdysforie. Hij schaamt zich nu voor het ‘Dutch Protocol’ dat uitgegroeid is tot een internationale standaard.

Gelukkig hoeft de OWHM zich in de hoek niet te vervelen. Hij heeft een oude krant op zak, de NRC van 15 september. Als hij die openvouwt valt zijn oog op een ingezonden brief van Socrates-hoogleraar en UHD filosofie Annemie Halsema. Ah, interessant, dat is de brief die door de WLB zo is bejubeld. De OWHM begint te lezen. Hij vindt het merkwaardig dat NRC deze tekst heeft geselecteerd voor de brievenrubriek. De OWHM peinst over een antwoordbrief, maar ziet daar toch maar vanaf. Zijn eigen OWHM-tekst over hetzelfde onderwerp was immers door de NRC Opinie-redactie honend afgewezen: “Nee, dit is niets voor ons.” De OWHM vraagt zich nu af of ook zijn geliefde NRC in handen is gevallen van wakkere postmodernisten.

Halsema’s brief begint met stevige kritiek op de NRC redactie: NRC had het namelijk gewaagd een paar radicale feministen aan het woord te laten over de transgenderwet. De WLB was daar boos over, vooral over het feit dat Caroline Franssen van Stichting Voorzij werd geïnterviewd, ook al was het maar heel kort. Volgens de WLB deugt die stichting namelijk totaal niet. Onoplettende NRC lezers zouden dat weleens niet in de gaten kunnen hebben, en zulke lezers dienen te worden gewaarschuwd en beschermd. De OWHM vond het artikel (van 12/9) waar Halsema tegen protesteert behoorlijk genuanceerd, maar voor Halsema kon het absoluut niet door de beugel:

Het artikel lees ik als een poging de TERF-wars (acroniem voor ‘trans-exclusionary radical feminist’, feministen die trans vrouwen uitsluiten, red.) ook in Nederland aan te zwengelen.

Genderkritische feministen zoals Caroline Franssen zijn tegen gender zelf-identificatie zonder toets, omdat zij vinden dat het begrip vrouw wordt ondermijnd als iedereen zomaar zijn geslacht kan aanpassen. De OWHM kan zich daar wel iets bij voorstellen, maar blijkbaar mag je zoiets niet vinden. Deze gedachte uitspreken alleen al wordt door Annemie Halsema als een vijandige daad beschouwd.

Als feminist vind ik het dan ook hoog tijd om te laten zien dat vrouwenbelangen niet tegenover die van trans activisten staan.

De OWHM had altijd gedacht het parallel lopen van die belangen helemaal niet vanzelfsprekend is. Hij is benieuwd hoe Annemie Halsema dit gaat uitleggen.

Het voornaamste misverstand van genderkritische feministen is dat vrouw-zijn biologisch is.

O ja? Dan staat de OWHM aan de kant van de genderkritische feministen. Voor de OWHM is vrouw-zijn biologisch. Biologisch geslacht is binair, omdat je een zaadcel producerend mannetje plus een eicel producerend vrouwtje nodig hebt om een nieuw zoogdiertje te maken. Ja, voor mensen geldt dit ook. Want, juffrouw Laps, gij zijt een zoogdier. Maar Annemie Halsema meent kennelijk dat dit achterhaald is.

Daarmee nemen zij afstand van de gedachte van Simone de Beauvoir die ten grondslag ligt aan de tweede feministische golf: je bent niet als vrouw geboren, je wordt vrouw.

Ho, ho, de OWHM heeft toevallig ook filosofie gestudeerd. Hij herinnert zich nog van lang geleden dat Simone de Beauvoir met haar uitspraak protesteerde tegen het onderdrukkend sociaal keurslijf waarin vrouwen, in de tijd waarin zij dit schreef, vrijwel vanaf hun geboorte werden gesnoerd.

De Beauvoir ontkent niet dat het lichaam een rol speelt in de geslachtelijke identiteit, maar benadrukt dat biologie wordt geïnterpreteerd.

De OWHM ziet, tot zijn afgrijzen, dat De Beauvoir hier voor een postmodernistisch karretje wordt gespannen dat ze, als we het haar hadden kunnen vragen, absoluut niet zou willen trekken. De OWHM kent geen enkele tekst van De Beauvoir waarin het biologische onderscheid tussen man en vrouw wordt betwijfeld of ter discussie wordt gesteld. De OWHM ziet dat dit lulkoek is.

Het is geen vaststaand feit, zoals Caroline Franssen van Voorzij suggereert, maar wij geven betekenis aan het lichaam. Meer specifiek aan één onderdeel van het lichaam dat bepalend is voor de geslachtelijke identiteit, namelijk de uiterlijk zichtbare geslachtsorganen.

Geslachtelijke vrouwelijke identiteit is geen vaststaand feit? Als we teveel betekenis geven aan uiterlijk zichtbare geslachtsorganen slaan we de plank mis? De OWHM snapt hier geen bal van. De OWHM begint te vermoeden dat Annemie Halsema diep van binnen ook wel weet dat Caroline Franssen gewoon gelijk heeft.

Er zijn verschillende factoren die in de foetus leiden tot de ontwikkeling van geslachtelijke identiteit – maar die volgens bioloog en gendertheoretica Anne Fausto-Sterling geen van allen doorslaggevend zijn: chromosomen, hormonen, gonaden (testes, baarmoeder), en uiteindelijk de geslachtsorganen. Onder invloed van de betekenis die we hechten aan geslacht wordt echter enkel het laatste gezien als bepalend voor iemands identiteit en wordt dat direct bij geboorte juridisch vastgelegd.

Heeft Halsema het hier over atypische geslachtsontwikkeling, waar het mechanisme van biologisch man of vrouw worden is verstoord? En begrijpt ze echt niet dat dit het biologische onderscheid tussen de geslachten onverlet laat? De OWHM weet toevallig dat de opvattingen van Anne Fausto-Sterling zeer controversieel zijn.

Biologisch gezien is er echter veel meer variatie dan we juridisch toestaan.

Hmm? Biologisch zijn we met drie wel uitgeteld, als we intersekse meerekenen.

Door te erkennen dat iemands geboortegeslacht niet per definitie samenvalt met het geslacht dat die persoon bij de geboorte is toegekend, corrigeert de Transgenderwet dat een beetje.

Biologisch gezien zijn er man, vrouw en intersekse (het resultaat van een atypische geslachtsontwikkeling). Bij de geboorte wordt vastgesteld in welke van deze drie categorieën een baby valt. Dat gaat eigenlijk altijd moeiteloos. Er valt dus niets te corrigeren voor de transgenderwet, en als de transgenderwet dat wel pretendeert te doen dan is de wet gebaseerd op zeer dubieuze ideologie.

Wat de Socrates-hoogleraar uit Leiden ook moge beweren, het geboortegeslacht van een baby is een objectief feit. Maar natuurlijk kun je objectieve feiten ontkennen, ook als je Socrates-hoogleraar en UHD in de filosofie bent:

Nog veel beter zou het zijn wanneer we zouden stoppen met het bij de geboorte vaststellen van iemands geslacht en die persoon zelf een stem zouden geven in de bepaling ervan.

De OWHM meent dat je van de pot gerukt moet zijn om zoiets op te kunnen schrijven. Hij neuriet zachtjes. “Een kletskous is geen kous, een transvrouw is geen vrouw, en deze Socrates-hoogleraar is een beroerde leraar.” De WLB houdt hem in de gaten. Hij moet waarschijnlijk nog even in de hoek blijven staan.


De lulkoek van Annemie Halsema kreeg een perfect antwoord in een ingezonden brief van Hans van den Berg, op 19 september.

Ik heb het idee dat filosofie langzamerhand een soort luchtfietserij is geworden. Wat filosofe Annemie Halsema over gender beweert (15/9) slaat alles. Biologie is in haar wereldbeeld een achterhaalde wetenschap die niet in haar fantastische wereldbeeld past. Dat door de aanwezigheid van geslachtschromosomen het geslacht van een nakomeling wordt bepaald lijkt er niet meer toe te doen; wat je geslacht is, bepaal je zelf. Ze stelt deze kwestie op een vreemde manier aan de orde. Ik hoop dat mijn oud-leerlingen beter weten. Dat mensen het recht hebben hun gender tijdens hun leven aan te passen, daar heb ik verder geen moeite mee.

Hans van den Berg is gepensioneerd docent biologie. Een oudere witte hoogopgeleide man. Die moet waarschijnlijk ook in de hoek.